1700 - 1900

Toen in de 18e eeuw empirische wetenschappers zoals Pascal en anderen de basis legden van de moderne wetenschap, verschoof het geneeskundig potentieel van chocolade naar de achtergrond en wonnen de voedende en gastronomische waarden aan belang. Het recept voor de chocoladedrank werd tegelijk eenvoudiger en zuiverder: cacao, suiker, vanille en melk of water werden de belangrijkste ingrediënten, terwijl muskus, amber en medische ingrediënten werden weggelaten.

chocolademeisje

Genieten van de smaak van goede chocolade werd belangrijker dan het vermogen om allerhande kwalen te genezen.

 ”Chocolademeisje”, A.H. Paine (schilderij van Jean-Etienne Liotard) 1702-1789 n.Chr.

 

 

chocoladeservies

Veel chocolademuseums stellen wondermooie collecties chocoladeservies uit de 18e eeuw ten toon. Een logische conclusie zou dan ook zijn dat het drinken van chocolade toen zeer populair moet zijn geweest. Het tegengestelde is echter waar: de consumptie bleef ver achter die van koffie en thee, die reeds populair waren, werd beperkt tot zeldzame gelegenheden en – omwille van de zeer hoge prijs – konden enkel de hoogste lagen van de maatschappij genieten van deze lekkernij.

Chocoladebeker, kop en suikerpot uit Parijs, 1730-1760 n.Chr.

Een volledig chocoladeservies was niets meer dan een middel om zijn rijkdom ten toon te spreiden, aangezien het betekende dat iemand het zich kon veroorloven regelmatig chocolade te consumeren. De chocoladeconsumptie bleef in die tijd dan ook zeer beperkt en het chocoladeservies diende als een soort barometer voor de rijkdom van de familie.

1725: De botanist Henry Sloane wijdt de eerste volledige monografie aan de cacaoboom.

1726: Koning George I heft belastingen op de verkoop en consumptie van chocolade.

1728: De familie Fry richt de eerste chocoladefabriek op in Bristol, VK, met hydraulische machines en uitrusting om de cacaobonen te verwerken en te malen.


1732: De Franse ambachtsman Debuisson vindt een tafel uit om cacao te malen. Er is nog steeds mankracht nodig, maar de verwerking gebeurt efficiënter en het harde werk wordt een beetje comfortabeler.

1737: De cacaoboom krijgt een officiële Latijnse botanische naam van Linnaeus: Theobroma cacao. De naam verwijst naar de mythische achtergrond van de boom en betekent letterlijk: “cacao, voedsel van de goden”.

Hoewel cacao uit Amerika komt, hebben de Verenigde Staten chocolade pas leren kennen in 1765. Het was John Hannon – een Engelse ambtenaar – die cacao er voor het eerst introduceerde. Samen met Dr. James Baker bouwden ze de eerste chocoladefabriek in Massachussets. 

1778: In Frankrijk bouwt Doret de eerste machine die automatisch cacaobonen maalt.

1822: De wereldwijde vraag naar cacao stijgt naar mate de wereld enthousiaster wordt over chocolade. De politieke instabiliteit groeit evenwel in Latijns-Amerika en plantagearbeiders worden steeds zeldzamer. Daarom zoeken cacaohandelaars nieuwe gebieden om de kostbare boom te planten, die ze vonden in Ecuador, Brazilië, Azië en Afrika. Het zou in Afrika wel enkele decennia duren alvorens cacao een succes werd. Als gevolg van dit succes verschoof de cacaohandel geleidelijk van de oude naar de nieuwere plantages.

Van Houten cacaopers, 1828 n.Chr. Van Houten cacaopers, 1828 n.Chr.

In 1828 deed de Nederlander Coenraad Van Houten een zeer belangrijke uitvinding die een impact zou hebben op de verdere geschiedenis van cacao en chocolade: de cacaopers. Deze pers maakt het mogelijk om vaste cacaodeeltjes te scheiden van cacaoboter. Dankzij deze uitvinding was Van Houten de eerste die ontvet cacaopoeder kon maken, dat veel eenvoudiger op te lossen is in water of andere vloeistoffen.


In 1840 werden de eerste geperste chocoladetabletten, pastilles en figuurtjes geproduceerd in België door het chocoladebedrijf Berwaerts.

Geschiedkundigen zijn het er nog steeds niet over eens wie de allereerste chocolade produceerde in vaste vorm, als de harde en glanzende chocolade die we vandaag de dag kennen. De Britse familie Fry beweert dat zij de allereerste chocoladereep op de markt hebben gebracht, in 1846: een belangrijke, historische stap. We mogen niet vergeten dat chocolade oorspronkelijk vooral werd geconsumeerd als een drank, een vloeistof. Chocolade werd verwerkt in koekjes en cakes, maar nooit geconsumeerd in een vaste vorm. De vooruitgang in de cacao en chocoladeproductie en industrialisering maakten het mogelijk om chocolade een creatieve en innovatieve vorm te geven die het uitzicht voorgoed zou veranderen.

Na Baker en Hannon is een andere belangrijke naam in de Amerikaanse chocoladegeschiedenis Ghirardelli, een Italiaanse banketbakker. Hij reisde vaak naar Peru en begon bonen te exporteren naar San Francisco om ze aan goudzoekers te verkopen. In 1860 ontdekte Ghirardelli per toeval hoe hij bijna volledig vetvrij cacaopoeder kon produceren. Eén van zijn werknemers had wat overgebleven gemalen cacaobonen in een katoenen zak gestopt en een nacht laten liggen. De volgende morgen ontdekte Ghirardelli dat de cacaoboter geabsorbeerd was door de zak en op de vloer had gelekt. Later vond Ghirardelli een manier om cacaoboter uit gemalen cacao te verwijderen om zo een zeer oplosbare cacaopoeder te maken.

In 1865 werd in Italië chocolade voor het eerst gemengd met hazelnotenpasta. De eerste gianduja was geboren. Het werd snel een zeer populair recept dat zelfs leidde tot het grote succes van de “gianduietti”, kleine bonbons van pure gianduja.

In veel Europese landen werd chocolade tegen het einde van de 19e eeuw wettelijk beschermd omdat het toen het voorwerp was geworden van een wereldwijde fraude: vele producenten produceerden goedkope chocolade door de cacao te vervangen door cacaoschillen en de cacaoboter door andere vetten. Tegelijkertijd ontwikkelden vele regeringen een groeiende verantwoordelijkheidzin voor veiligheid en zuiverheid van voedingsmiddelen. In de meeste Europese landen kon chocolade enkel het label chocolade dragen als het minimaal 32% pure vaste cacaobestanddelen bevatte. In België legde de regering in 1894 dit percentage vast op 35%. De strikte controle en wettelijke vervolging van voedselfraudeurs zorgden voor een algemene kwaliteitsverbetering van chocolade.